Een Santegoets aan de galg?!!!!!

In de Baronnie van Boxtel arresteert drossaard J. Bowier begin juli 1752 een zekere Adriaan Santegoets wegens het stelen van linnengoed bij een blekerij in de nacht van 7 op 8 juli 1752.
Het delict is kennelijk zo ernstig dat hij in hechtenis moet blijven maar daar moet eerst een gevangenis voor worden klaargemaakt. Dat duurt 3 weken en in die tijd wordt hij bewaakt.

Adriaan is geboren in 1728 en in 1749 getrouwd met Adriana van de Mosselaer. In september 1750 wordt een zoon geboren maar die overlijdt binnen een maand. In februari 1752 volgt dochter Wilhelma. Het gezin leeft in grote armoede, hetgeen waarschijnlijk de reden was van bovengenoemde diefstal.

Op 29 juli is de gevangenis klaar maar in de nacht van 30 op 31 juli weet Adriaan te ontsnappen. (In de toenmalige ambtelijke taal heet dat “aufugeren”.) Hij zwerft geruime tijd rond in de omgeving maar wordt een jaar later in Gemert gevangen genomen. De drossaard moet er nu op uit om de gevangene op te halen en opnieuw in verzekerde bewaring te stellen. Dat gebeurt op 12 september 1753, maar in de nacht van 13 op 14 september ontsnapt Adriaan opnieuw. Hij wordt kort daarna opnieuw gevangen genomen, nu  in Dalenbroek bij Roermond. De drossaard heeft zijn les geleerd en laat hem zes weken lang door 4 personen dag en nacht bewaken. Op 10 december 1753 wordt hij “met den koorde” gestraft, d.w.z. dat hij wordt opgehangen.

De drossaard heeft veel moeite moeten doen om deze zaak af te handelen en hij probeert tot in 1755 daarvoor een vergoeding te krijgen van de Meijerij van den Bosch. Voor het in bewaring houden van de delinquent, de vergoeding voor de drossaard in Gemert en de officier in Dalembroek vraagt hij honderd gulden en voor de executie in Boxtel nog eens dat bedrag.

Want het blijkt ‘dat bij den voorschreven Adriaan Santegoets niet alleen geen gelt of goed is gevonden, maar ook niets agtergelaaten is van eenige emportantie, dan maar alleenlijk eene leeme huijsie het geen voorheen door hem was bewoont en nu bij desselfs naargelaaten vrouw en kind (dewelke in de uijterste armoede zijn) werd beseeten en welk huisie naar de gedagten van die schepenen nog geen twintig gulden voor het geheel waardig soude zijn.

Er moet nog meer onderzoek volgen wat de tenlastelegging was zowel voor de doodstraf in Boxtel als van de gevangenneming in Gemert en Dalenbroek (of Dalembroek). Kortom: Wordt vervolgd!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *